NLBANNER.jpg

Klinische achtergrond

Klinische achtergrond

De Tilschijf© is ontwikkeld met behulp van de NIOSH methode. Met deze methode kan de veiligheid van het handmatig tillen en verplaatsen van lasten beoordeeld worden. De systematiek werd in de Verenigde Staten ontwikkeld door het National Institute for Occupational Safety and Health (NIOSH). Ook in ons land is deze methode al jarenlang een erkende techniek. De methode wordt bijvoorbeeld gebruikt in publicaties van de Arbeidsinspectie (ISZW) en bij het opstellen van de Praktijkrichtlijnen fysieke belasting in de diverse zorgbranches (zie bijvoorbeeld Knibbe en Knibbe, 2002).

Oud vs. nieuw (NIOSH)

De eerste versie van de Tilschijf werd ontwikkeld op basis van de in 1981 gepubliceerde NIOSH methode. De NIOSH methode kreeg destijds steeds meer kritiek vanwge de randvoorwaarden voor het toepassen van de methode. Zo werd er bijvoorbeeld uitgegaan van tweehandig tillen, moest de last goede handvatten hebben, mochten er geen ruimtelijke beperkingen zijn voor de aan te nemen houding en moest er recht voor het lichaam getild kunnen worden (geen draaiing in de romp). Hierdoor was de methode praktisch bijna nooit toepasbaar.

In de gezondheidszorg wordt zelden tot nooit aan deze randvoorwaarden voldaan. De toenmalige NIOSH leidde daardoor tot onderschatting van de daadwerkelijke risico's. Ook wetenschappelijk onderzoek onderbouwde mogelijke onderschattingen van de NIOSH methode. Dit alles leidde tot diverse wijzigingen. Deze wijzigingen zijn in 1991 gepubliceerd, evenals de wetenschappelijke verantwoording ervan (Waters en Putz-Anderson, 1991).

Enkele belangrijke veranderingen worden hieronder besproken. Voor een gedetailleerd inzicht verwijzen we naar de originele publicaties, of naar de Nederlandstalige publicaties van Vink et al. (1991 en 1992) of van de Gezondheidsraad (1995). 

Nieuw is de invoering van twee aanvullende factoren in de berekeningsformule: de asymmetrie- en gripfactor. 

  • De eerste nieuwe factor, de asymmetriefactor is een maat voor de verdraaiing van de romp ten opzichte van een denkbeeldige lijn van het hoofd naar de voeten. Naarmate die hoek groter wordt, wordt het gezondheidsrisico van het tillen groter. Deze factor beïnvloedt de risico's van het tillen en begeleiden van zorgvragers in de gezondheidszorg in grote mate. Dankzij de asymmetriefactor kan het risico op letsel beter ingeschat worden. Het maximum aantal graden voor de toepassing van de NIOSH formule is gesteld op 135º. Ervaring leert dat een verdraaiing van 135º in de gezondheidszorg zelden tot nooit voorkomt. 

  • De tweede nieuwe factor, de gripfactor, betrekt de grip van de handen op het te tillen object bij de risico-inschatting. Deze wordt beoordeeld als goed, matig of slecht. Wanneer de vingers niet 90º graden gebogen kunnen worden en er geen handvat is, is er sprake van slechte grip. Dit komt in de gezondheidszorg vaak voor. Een slechte grip betekent dat het maximaal toelaatbare gewicht (licht) daalt. Omdat de invloed van de gripfactor op het uiteindelijk toelaatbare gewicht beperkt is, is deze variabele niet opgenomen in de Tilwijzer van Arjo.Omdat de invloed van de gripfactor op het uiteindelijk toelaatbare gewicht beperkt is, is deze variabele niet opgenomen in de Tilwijzer van Arjo.

In de oude NIOSH methode waren er twee risiconiveaus: de Action Limit (AL) en Maximum Permissible Limit (MPL). In de nieuwe NIOSH methode is dit teruggebracht naar één risiconiveau: de RWL (Recommended Weight Limit)

De nieuwe methode definieert wel een tilindex. Hiervoor wordt het daadwerkelijke gewicht gedeeld door de aanbevolen grens (RWL). Deze zou niet boven de 1 uit moeten komen. Naarmate deze groter is dan 1 wordt het risico groter. De RWL dient zowel aan het begin als het eind van een tilhandeling te worden bepaald. De laagste RWL bepaalt of de tilsituatie aanvaardbaar is. 

De Tilschijf

Elke tilhandeling brengt risico’s met zich mee. De Tilschijf probeert zo veel mogelijk invalshoeken mee te nemen in de advisering ten aanzien van verschillende tilhandelingen. Bij de risicoberekeningen en de daarbij behorende inkleuringen zijn aannames gedaan. De NIOSH factoren 'tilfrequentie' en 'grip' zijn niet bij deze berekeningen opgenomen. 

  • De tilfrequentie gaat pas een rol spelen bij tamelijk hoge frequenties; hoger dan in de gezondheidszorg voorkomt. Deze is daarom op 1 gesteld. 

  • De tweede factor, de gripfactor, speelt wel een rol, maar de invloed is beperkt. Daarnaast blijkt deze factor moeilijk toepasbaar voor de situaties in de gezondheidszorg. Om die redenen is deze factor niet meegenomen en ook op 1 gesteld. 

Oud vs. nieuw (de verschillen)

Het verschil tussen de oude en de nieuwe Tilschijf zit in drie punten:

  1. Het te bepalen aantal zorgverleners dat de handeling verricht is teruggebracht tot maximaal twee. Dit omdat het tillen door drie personen zelden voorkomt. 
  2. De ruimte die hierdoor beschikbaar kwam is benut voor het invoeren van een vereenvoudigde vorm van de (a)symmetriefactor. Er dient een keuze gemaakt te worden tussen twee niveaus: meer of minder dan 45º draaiing. 
  3. De risiconiveaus zijn gewijzigd. Deze komen nu overeen met de waarden van de tilindex. De kleur oranje betekent: de grens van de RWL is bereikt, maar de tilindex blijft kleiner dan 3. De kleur rood betekent: de tilindex is 3 of meer. De kleur groen betekent: de uitkomst van de tilindex is kleiner dan 1. 

Voorzichtigheid

Ondanks de verbeteringen van de NIOSH methode blijft voorzichtigheid geboden. Zowel bij het toepassen van de NIOSH methode als de Tilschijf. De NIOSH methode heeft enkele beperkingen. Zo worden individuele factoren buiten beschouwing gelaten. Dat betekent bijvoorbeeld dat iemand die erg lang of erg klein is meer risico kan lopen dan op basis van de methode berekend wordt. Het gaat om het beoordelen van een tilsituatie. Daarnaast is er nog veel onduidelijkheid over de precieze invloed van asymmetrische belasting. Vink et al. (1992) tonen aan dat de belasting mede afhankelijk is van de positie van het bekken. Roteert het mee, of juist niet? Ten slotte zijn veel randvoorwaarden voor toepassing van de NIOSH methode geldig gebleven, ook in de nieuwe systematiek. Voorzichtigheid bij de inzet van de Tilschijf is geboden daar er aannames zijn gedaan en omdat deze ook op de NIOSH methode is gebaseerd. 

De volgende drie randvoorwaarden kunnen problematisch zijn:

  1. Het 'tweehandig tillen'. In de gezondheidszorg is dit lang niet altijd mogelijk.
  2. Het 'langzaam en vloeiend tillen'
  3. 'Ruimtelijke beperkingen voor de aan te nemen houding'.

Doordat vaak niet aan deze drie randvoorwaarden voldaan wordt geven de grenzen, zoals die op basis van de formule berekend kunnen worden, een onderschatting van de werkelijke risico's. 

De NIOSH methode blijft een goede keuze voor het beoordelen van risicovolle tilsituaties. De Gezondheidsraad geeft dat aan in een rapport dat in 1995 is verschenen. 

We hopen ook dat de Tilschijf helpt bij het bepalen van gevaarlijke tilsituaties en een bruikbaar instrument is om gezondheidsrisico's bij medewerkers te voorkomen. 

J J. Knibbe
N.E. Knibbe
LOCOmotion

Literatuur

Gezondheidsraad, Commissie Risicobeoordeling van handmatig tillen, Risicobeoordeling van handmatig tillen, Den Haag: Gezondheidsraad, 1995/02, 1995. 

Knibbe, J.J., N.E. Knibbe, werkpakket Aanpak Fysieke Belasting, Sectorfondsen Zorg en Welzijn, V&V branche, Utrecht, 2002. 

Vink, P., Berg, R. van den, Dul, J., 'Het beoordelen van tillen met de nieuwe NIOSH methode', Tijdschrift voor Ergonomie, 10, 1999, 2-9.

Vink, P., Dul, J., 'Meer dan 23 kg tillen uit den boze', Arbeidsomstandigheden, 67, 12, 1991, 825-826.

Waters, T.R., V. Putz-Anderson, Scientific support documentation for the revised 1991 NIOSH lifting equation: technical contract reports, NIOSH, Springfield, 1991.

Heeft u vragen over de Tilschijf? Neem dan contact met ons op.

Lees meer informatie over de Tilschijf